Ik kan mij niet zo goed herinneren wanneer dit ongeveer gebeurde, het is al een aantal jaar geleden, vlak voor de Nintendo GameCube uit zou komen. Ik heb bijzondere herinneringen aan die console en niet zozeer vanwege de spelletjes die ik er op speelde, maar vooral toch omdat het de eerste Nintendo was die ik helemaal zelf had gekocht. Voor het eerst kreeg ik ‘de nieuwe Nintendo’ niet meer van mijn vader. Die vond dat de tijd gekomen was dat ik dat soort dingen zelf eens ging kopen. Daarnaast was hij meer geïnteresseerd in de Playstation2, maar dat terzijde. Ik kreeg niet heel veel zakgeld. Niet dat ik mocht klagen of zo, maar toch. Het was bij lange na niet genoeg om zo’n hoeveelheid net ingevoerde Euro’s bij elkaar te krijgen om de paarse kubus te kunnen betalen. En  dus zag ik nog maar één uitweg. Ik moest maar gaan werken om genoeg geld bij elkaar te krijgen. Zo belandde ik uiteindelijk bij de Edah. Een supermarktje in het dorp waar ik destijds woonde. Ik moet eerlijk bekennen dat ik het prima naar mijn zin heb gehad in die tijd bij de Edah. Ik zal niet beweren dat ik echt bevriend raakte met mijn collega’s, maar we hadden best een leuk team. Op een dag, wanneer precies weet ik dus niet meer, het moet een zaterdag geweest zijn in ieder geval, want anders zou ik niet in mijn rode poloshirt in de kassarij hebben gestaan om mijn lunch af te rekenen, gebeurde er iets bijzonders. Terwijl ik daar stond, hoorde ik plots een hoop herrie uit de winkel komen. Geschreeuw was het. Ik rende meteen die kant op. Het geschreeuw kwam van de toetjesafdeling. Toen ik daar aankwam wist ik niet wat ik zag. Michael, de dorpsgek, stond met zijn enorme handen hard in te beuken op mijn 15-jarige collegaatje Ruud. Tot de dag van vandaag heb ik geen idee waarom dat was. Ruud zei dat Michael hem zomaar uit het niets begon te slaan en Michael heb ik sinds die dag nooit meer gesproken. Hoe dan ook, ik zag hoe die beer van een vent, met zijn enorme poten, de kleine tengere Michael ongekend hard op zijn hoofd aan het timmeren was. Vele omstanders stonden erbij en keken er naar. Ik moest Michael stoppen. Ik kon maar één ding bedenken. Ik rende op hem af en sprong vol tegen de rug van Michael. Het voelde alsof ik mezelf tegen een enorme betonnen muur had geworpen maar het had wel effect. Michael verloor zijn evenwicht en kukelde de koelingen in. Hij viel zo in het schap met toetjes en rolde op de grond. Aan weerszijden van zijn hoofd viel een bakje chocolade mousse kapot, wat twee grote bruine vlekken ten gevolg had. Het was doodstil. Niemand zei wat. Behalve één klein ventje, van een jaar of tien. “Huhhuh” lachte hij, “Mickey Mousse!” De spanning was meteen gebroken en iedereen schoot in de lach. Ik was vorige week sinds tijden weer even terug in het dorp, op bezoek bij mijn vader, om met zijn Kinect te spelen. Toen ik over het dorpsplein liep zag ik Michael lopen. Hij was een stuk ouder geworden. Achter hem liepen drie kinderen, een jaar of twaalf, dertien moeten ze geweest zijn. Ze riepen Michael na. “Hé! Mickey Mousse!” Michael rende huilend naar huis.